Tekstvak:
Tekstvak: Tekstvak:
Tekstvak:

V I R T U E E L  M U S E U M  V O O R

I N T U I T I E F  R E A L I S M E

Tekstvak:

|

J A N  S L E P E R :  T R A D I T I E  &  V E R N I E U W I N G

K L A S S I E K E  O U D H E I D  E N  M O D E R N E  K U N S T

|

J A N  S L E P E R  | J A N è S

1 9 1 9 – 2 0 0 0

G r a f i e k

V I R T U  O S S

 

Tekstvak:

 

 

‘B e l o o f d   L a n d ’  v o o r  J a n  S l e p e r

Kunstcollectie J.B. Sleper

Het poëtische bankbiljet

Tekstvak: “
Tekstvak: “

Nadat de Nederlandse Bank in de zomer van 1946 de opdracht aan Roozendaal* voor het ontwerpen

van een biljet van 10 gulden teruggenomen had, werd contact gezocht met Jan Sleper**.

* De schilder Johannes Roozendaal werd geboren in Amsterdam op 26 november 1911 en woonde

later in Amstelveen. VAn 1936 tot 1944 studeerde hij aan de Amsterdamse Rijksacademie en

verkreeg in 1942 de Prix de Rome in de afdeling ‘vrije schilderkunst’.

**Johannes Bernardus Sleper was in 1919 te Hilversum geboren. Hij was een leerling aan de Grafische

School in Amsterdam en van de Rijksacademie. Sleper was een zeer veelzijdig kunstenaar: naast de

vele technieken van grafische kunst beoefende hij tevens de beeldhouwkunst. Hij won in 1942 en

1948 de Prix de Rome in de afdelingen: ‘vrije schilderkunst’ en ‘grafische kunst’.

 

Aan de prijsvraag voor het ontwerpen van een bankbiljet in opdracht van de Nederlandse Bank

werd deelgenomen door verschillende kunstenaars die daarvoor specifiek werden aangezocht.

De uitgenodigde kunstenaars waren: Kuno Brinks, Mevrouw E. Reitsma-Valença, G.V.A. Röling,

J. Roozendaal, J.J. Rovers en J.B.Sleper.

 

De periode na de tweede wereldoorlog is voor het Nederlandse bankbiljet van bijzondere betekenis

geweest. Ondanks de talloze compromissen met behulp waarvan de meeste biljetten hun uitein-

delijke vorm gekregen hebben, klinkt er in dit optimistische tijdgewricht bij verschillende gelegen-

heden een poëtischer of gevoelvoller akkoord door in de doorgaans enigszins stramme, vaderlandse

marsmuziek van het Nederlandse bankbiljet. Behalve vanzelfsprekend aan de kunstenaars, komt

zeker ook aan de toenmalige bankdirectie de eer toe, het been stijf gehouden te hebben ondanks

soms gerechtvaardigde wanhoopsklachten van de Haarlemse drukkersfirma Joh. Enschedé waarvan

het geduld zo nu en dan wel zeer op de proef gesteld werd.

 

Ook Sleper wordt verondersteld, zijn ontwerp te baseren op een reeks technische voorschriften,

door Enschedé geformuleerd onder de naam grondslagen. Op 1 oktober 1946 is er een schetsont-

werp, waarbij Sleper een toelichting geeft. ‘In het ontwerp is getracht, een zo groot mogelijke

eenheid te verkrijgen tussen het portret en het versierde, met handhaving van de voorschriften.’

Een spreuk van Salomo (Spreuken 11:24) wiens ‘verbeelding’ bij wijze van beeldenaar wordt op-

genomen, is de leidende gedachte. Om de beeltenis heen is een ‘… een illusie van de tempel,

tevens gedacht als overbrugging van portret naar machinale versiering. Om het hoofd een vlucht

vogels, gedacht als het symbool van de Idee, de Inspiratie. Er wordt een aanknopingspunt gezocht

in de legende van Sint Maarten, die zijn mantel verdeelde met de bedelaars; dit motief werd links

boven de kop als ornament uitgewerkt met als fond het stadje Tours waar deze legende zich af-

speelde. ook dit motief werd gedacht als overbrugging naar de machinale structuren.

 

(Klik op de afbeeldingen voor vergrotingen van ontwerpen door Jan Sleper)

 

 

 

 

 

Bron: Het Nederlandse Bankbiljet 1814-2002 / Vormgeving en ontwikkeling (1999)

Auteur: Jaap Bolten

ISBN 90-804784-1-5 geb. | 398 pagina’s  |  Segment Jan Sleper: pg. 139 t/m 146

Distributie: primavera.deregt@wxs.nl

V I R T U  O S S

Tekstvak: Tekstvak:

|

Tekstvak: Tekstvak:

|

Tekstvak: Tekstvak:

|

Tekstvak: Tekstvak:

|

Tekstvak: Tekstvak:

|

Tekstvak: Tekstvak:

|

bladwijzer Op deze pagina

De Nederlandsche

Bank als

opdrachtgever

Poëtisch

Bankbiljet